Gegevenstabel met één variabele

De layout en werking van een gegevenstabel met één invoer variabele.

Wanneer je de uitkomsten van een formule met één variabele voor verschillende waarden wilt berekenen, dan kun je dat doen door twee kolommen te maken, eentje met de waarden voor de variabele en de andere voor de uitkomsten van de formule.

De volgende afbeelding toont dit voor de formule y = 2*x-1.

Figuur 1. Voorbeeld met formules in elke cel
Voorbeeld met formules in elke cel

In dergelijke gevallen is het veel handiger om een gegevenstabel met 1 invoervariabele te maken.

Om van een gegevenstabel met één variabele gebruik te kunnen maken moet de tabel aan een bepaalde layout voldoen. De invoerwaarden voor de variabele moeten onder elkaar staan in een kolom (kolomgeoriënteerd) of naast elkaar in een rij (rijgeoriënteerd).

Bij een kolomgeoriënteerde tabel zitten de waarden voor de variabele in een kolom en de formule in de rij erboven en één cel rechts van de kolom met waarden. Eventuele volgende formules kunnen in de cellen ernaast getypt worden.

Bij een rijgeoriënteerde gegevenstabel zitten de waarden voor de variabele in een rij en de formule in de cel één kolom links van de eerste waarde één cel onder de rij met invoerwaarden. Eventuele volgende formules kunnen in de cellen eronder getypt worden.

Opmerking: In plaats van formules kunnen ook verwijzingen naar formules gebruikt worden.

De algemene layout van een gegevenstabel ziet er als volgt uit:

Kolom georienteerde gegevenstabel met 1 invoercel Rij georienteerde gegevenstabel met 1 invoercel
Kolom georienteerde gegevenstabel met 1 invoercel Rij georienteerde gegevenstabel met 1 invoercel

invoercel

Dit kan een willekeurige cel op het werkblad zijn. Excel gebruikt deze als tijdelijke opslagplaats. De formules moeten een verwijzing naar deze invoercel hebben. De waarden voor de variabele worden naar deze invoercel gestuurd, dan wordt de uitkomst berekend en wordt deze in de tabel geplaatst.